Wat is de Rotterdamse Schaal?
De Rotterdamse Schaal is een nieuw hulpmiddel voor rechters om smartengeld (vergoeding van immateriële schade) vast te stellen bij lichamelijk letsel, geestelijk letsel en andere persoonsaantastingen. Het systeem is ontwikkeld door onderzoekers van de Erasmus Universiteit Rotterdam in opdracht van de Raad voor de Rechtspraak en gefinancierd door het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Het doel: meer inzichtelijkheid, consistentie en efficiëntie in de praktijk van smartengeld in Nederland.
Hoe werkt het?
De Rotterdamse Schaal ordent letselgevallen in categorieën en koppelt daar bandbreedtes van smartengeldbedragen aan. Rechters krijgen zo een duidelijk overzicht van passende bedragen per type letsel of normschending. De schaal is gebaseerd op het Engelse en Ierse model, maar aangepast aan de Nederlandse rechtspraak. Het is geen bindende norm, maar een hulpmiddel: de rechter blijft altijd vrij om op basis van de omstandigheden van het geval een ander bedrag toe te kennen.
Aanbevelingen voor toeslagen: wanneer mag het meer zijn?
De rechtspraak heeft een aantal belangrijke aanbevelingen gedaan voor het toepassen van toeslagen op het smartengeld. Deze aanbevelingen zijn bedoeld om recht te doen aan bijzondere omstandigheden en zorgen voor meer rechtseenheid. De aanbevelingen zijn vastgelegd in een stuk met de titel: “Aanbevelingen voor de begroting van smartengeld” en het stuk vermeld dat de aanbevelingen geldend zijn vanaf januari 2026. Hier de belangrijkste punten:
1. Leeftijd van het slachtoffer
• Bij vastgesteld blijvend lichamelijk dan wel geestelijk letsel wordt het smartengeld voor kinderen tot en met 14 jaar met 25% verhoogd.
• Voor jongeren en jongvolwassenen van 15 tot en met 29 jaar geldt een verhoging van 15%.
• De bandbreedte mag aan de bovenzijde worden overschreden als de situatie daar aanleiding toe geeft.
2. Ernstige verwijtbaarheid of opzet
• Bij ernstige verwijtbaarheid of opzet in de A- en B-categorie kan het smartengeld worden verhoogd met 10 tot 25%, afhankelijk van de ernst van het verwijt.
• Bij risicoaansprakelijkheid (waar geen schuld is) wordt geen toeslag toegepast.
• Ook hier geldt: de bandbreedte mag worden overschreden bij zeer ernstige gevallen.
3. Meervoudig letsel
• Bij meerdere letsels wordt uitgegaan van het zwaarste letsel (100%), het tweede letsel telt voor 50% mee, en eventuele derde letsels kunnen als factor worden meegenomen.
• De toeslagen voor leeftijd en opzet worden apart berekend en daarna opgeteld bij het basisbedrag.
4. Duur van het letsel
• Kortdurend letsel: herstel binnen zes maanden.
• Langdurig letsel: herstel tot twee jaar.
• Blijvend letsel: klachten die na twee jaar nog bestaan.
• De duur van het letsel beïnvloedt het toe te kennen bedrag.
5. Periodieke evaluatie
• De bedragen in de Rotterdamse Schaal worden regelmatig geëvalueerd en geactualiseerd, zodat ze aansluiten bij de actuele rechtspraak en inflatie.
Waarom is dit belangrijk?
Met deze aanbevelingen krijgen rechters concrete handvatten om recht te doen aan de persoonlijke situatie van het slachtoffer. Vooral bij jonge slachtoffers en bij opzettelijk toegebracht letsel kan het smartengeld dus aanzienlijk hoger uitvallen dan het standaardbedrag. Dit zorgt voor meer rechtvaardigheid en transparantie in de toekenning van smartengeld.
De Rotterdamse Schaal is een hulpmiddel en geen verplichting. De aanbeveling door de Rechtspraak wordt strikt genomen gebruikt door rechter als er via een procedure bij de rechtbank aanhangig is. Echter, ook in de praktijk kunnen letselschade advocaten namens slachtoffers bij het treffen van een schaderegeling met een verzekeringsmaatschappij een beroep doen op de aanbeveling. In de praktijk zal moeten blijken in hoeverre de Rotterdamse Schaal en de Aanbeveling van de rechtspraak gevolgd zullen worden.
